De wereld in beweging
De logistieke kracht van Nederland is als concurrentiefactor medebepalend voor onze economische ontwikkeling. Goede logistiek is een fundamentele randvoorwaarde voor andere (top)sectoren. De groeiende vraag naar schaarse natuurlijke hulpbronnen noodzaakt tot duurzamer omgaan met onder andere grondstoffen en energiebronnen. Steeds meer bedrijven onderkennen dat duurzaamheid noodzakelijk is voor de continuïteit en een winstgevende bedrijfsvoering. De logistieke sector moet hierop anticiperen. Geopolitieke en economische machtsverhoudingen verschuiven en hebben daarmee invloed op goederenstromen. Technologische ontwikkelingen gaan zo snel dat de productie- en consumptiepatronen, en daarmee ook de logistieke stromen veranderen. Het tekort aan logistiek personeel neemt flink toe als gevolg van onder meer de vergrijzing, terwijl tegelijkertijd het aantal vervoersbewegingen blijft toenemen. Dit betekent dat we meer werk met minder handen moeten maken. Verstedelijking en e-commerce noodzaken tot een andere organisatie van de distributie. Gedrag van consumenten verandert; consumenten eisen duurzame producten die volledig zijn toegesneden op hun individuele eisen. De fysieke en digitale wereld versmelten. Het bedrijfsleven vertrouwt steeds meer op informatie om ketens efficiënter en effectiever te maken. Door klimaatverandering staat de betrouwbaarheid van vervoerdiensten onder druk, denk aan problemen met binnenvaart bij lage waterstanden. Al deze ontwikkelingen beïnvloeden de logistieke patronen.
Faciliteren van een circulaire keten
Als grondstoffen schaarser en dus duurder worden, wordt het steeds aantrekkelijker om naar hergebruik van producten of de daarin verwerkte grondstoffen en componenten te kijken. Dat leidt tot een transitie van een lineaire naar een circulaire keten, die zal plaatsvinden in alle sectoren. Een product zal niet gemakkelijk meer eindigen als afval. Bedrijven blijven producten zo lang mogelijk hergebruiken om de aankoop van nieuwe dure grondstoffen te vermijden. Voor bedrijven wordt het daarom aantrekkelijk om bedrijfsmodellen te ontwikkelen waarin ze tijdens de hele levenscyclus eigenaar blijven van producten, zodat ze die kunnen hergebruiken als ze zijn afgedankt door consumenten. Terugwinnen van grondstoffen wordt een belangrijk onderdeel van de bedrijfsketen. De toekomstige logistieke concepten moeten deze transities ondersteunen.

Dit advies beschrijft het pad dat de logistieke sector moet volgen om Nederland in 2040 concurrerend en leefbaar te houden. Hoe kan de logistieke sector de topsectoren chemie, high tech en agrofood en tuinbouw faciliteren in de weg naar een circulaire keten? De raad heeft gekozen voor deze topsectoren omdat zij een representatief beeld geven voor de andere sectoren in Nederland. Voor de sectoren chemie, agrofood en tuinbouw gaat het bovendien om omvangrijke goederenstromen met een diversiteit aan goederen (bulk, stukgoed, grondstoffen, end of pipe etc.).
Voor het advies ‘Logistieke kracht van Nederland’ vraagt de Rli uw inbreng. Het adviestraject is in volle gang. Met uw inbreng wil de raad zijn advies aan regering en parlement optimaliseren. TNO heeft in opdracht van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur gekeken naar de effecten van internalisering van externe kosten. Daarvoor zijn vier scenario’s uitgewerkt:
• Het internaliseren van de externe kosten in Nederland alleen, Nederland als First mover;
• Het internaliseren van de externe kosten in de Europese unie (EU27);
• Het internalisering van de externe kosten in de Europese unie (EU27) behalve in Nederland, Nederland als last mover;
Externe kosten zijn kosten van de gehele productieketen, die nadelig zijn voor anderen dan de direct betrokkenen bij een economische activiteit. Daarbij kan worden gedacht aan de milieukosten (op klimaat, op gezondheid, van verkeer, van ruimtegebruik) en sociale kosten (op kinderarbeid, door slechte werkomstandigheden). De raad verwacht dat op den duur externe kosten van de gehele keten worden geïnternaliseerd. Dat wil zeggen dat de kosten worden betaald door de veroorzaker. De vraag is of met het internaliseren van externe kosten goederenstromen anders gaan lopen. Vindt productie nog wel op dezelfde plek plaats; wordt deze dichter bij de consument gebracht; of worden andere vervoerswijzen of energiebronnen gekozen? Als de goederenstromen anders gaan lopen kan dit consequenties hebben voor onze logistiek, bijvoorbeeld voor de mainport Rotterdam.
Het is voor de overheid belangrijk om een beeld te krijgen van de mogelijk logistieke veranderingen om zo te kunnen anticiperen op wat komen gaat. Het onderzoek van TNO is inmiddels afgerond.
Wij zijn benieuwd naar uw reactie op de onderzoeksresultaten in het rapport: 'Internaliseren van externe kosten in het goederenvervoer'.
De raad verwacht dit advies in het tweede kwartaal 2013 uit te brengen.
M.E. (Marike) van Lier Lels (voorzitter)
A.M.A. (Agnes) van Ardenne
Externe deskundigen
R.E.C.M. (Rob) van der Heijden
D. (Dick) van den Broek Humphreij
N.J. (Klaas) Westdijk
F. (Frank) Witlox
• Interview met A. Lundqvist, boegbeeld topsector high tech, door M. van Lier Lels
• ‘Integrale visie op transport en logistiek in 2040', essay W. Ploos van Amstel
• ‘Innovatie en duurzaamheid in de Logistiek’, essay C. Ruijgrok
• ‘Toekomstverkenning transities tot 2040 voor de topsectoren AgroFood en Tuinbouw vanuit Logistiek perspectief’, essay J. van der Vorst
• 'Logistieke Kracht van Nederland: analyse van tien jaar aanbevelingen voor overheidsbeleid in de logistieke sector', rapport Buck Consultants International
• Internaliseren van externe kosten in het goederenvervoer, TNO-rapport
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met
Nicole van Buren, projectleider, 06 10172005.
RLI - Nieuwe Uitleg 1 - Postbus 20906 - 2500EX Den Haag - T 070 456 20 70 - info[at]rli.nl